De regering moet met de politie, gemeenten en wetenschappers bespreken hoe het vuurwerkverbod beter geaccepteerd kan worden. Een nieuwe sociale norm is nodig om de veiligheid van hulpverleners te vergroten en de overgang soepel te laten verlopen. ››
21 januari, JA21, 50PLUS, CDA, ChristenUnie, Groep Markuszower, VVD, SGP
De regering moet vaker en sneller gebruikmaken van digitale meldplicht of huisarrest voor mensen die geweld plegen tegen hulpverleners. Daden moeten gevolgen hebben om duidelijk te maken wat de regels zijn in onze samenleving. Politiebonden vragen om deze maatregelen om hulpverleners beter te beschermen. ››
De regering moet vaker poging tot doodslag ten laste leggen bij het gericht gooien van zwaar vuurwerk naar mensen. Het gebruik van dit illegale vuurwerk is gevaarlijk en zelfs levensbedreigend voor omstanders en hulpverleners. Hoewel vervolging voor doodslag nu al wettelijk mag, gebeurt dit in de praktijk nog te weinig. ››
De regering moet de politie zelf laten beslissen over de inzet van traangas en rubberen kogels. Nu bepaalt de burgemeester dit nog. De politiek geeft de politie te weinig vertrouwen en gezag, terwijl de samenleving dat wel doet. Door deze bevoegdheid bij de politie en de Mobiele Eenheid (ME) neer te leggen, wordt hun positie versterkt. ››
21 januari, JA21, Groep Markuszower, ChristenUnie, 50PLUS, SGP
De regering moet ervoor zorgen dat de politie eerder extra mensen inzet en tijdelijk preventief fouilleert in gevaarlijke gebieden. Geweld tegen hulpverleners vindt vaak plaats op specifieke plekken met wapens of zwaar vuurwerk. Door gerichter te controleren kunnen gevaarlijke voorwerpen eerder worden afgepakt en wordt de kans groter dat daders worden gepakt. ››
De regering moet de Wet veilige jaarwisseling snel invoeren voor de volgende jaarwisseling. Tijdens de laatste jaarwisseling steeg het aantal gewonden op de spoedeisende hulp met een derde. Vooral veel kinderen raakten gewond. Ook nam het geweld tegen agenten, brandweerlieden en zorgpersoneel toe. ››
21 januari, SGP, JA21, Groep Markuszower, PVV, BBB
De regering moet de uitrusting van de politie en de Mobiele Eenheid (ME) uitbreiden met nieuwe geweldsmiddelen, zoals rubberkogels en traangas. Agenten krijgen steeds vaker te maken met extreem geweld. Met deze middelen kunnen zij veiliger en krachtiger optreden bij grote rellen, net zoals in Frankrijk en Duitsland. ››
21 januari, SGP, JA21, PVV, Groep Markuszower, BBB
Daders die geweld gebruiken tegen de politie of andere hulpverleners moeten standaard een hogere straf krijgen. Nu gebeurt dit nog niet overal op dezelfde manier. De regering moet daarom afspraken maken met het Openbaar Ministerie om deze zwaardere straf altijd te eisen. Alleen in zeer bijzondere gevallen mag de aanklager hiervan afwijken. ››
De regering moet ervoor zorgen dat agenten die geweld gebruiken niet meer te maken krijgen met langdurige en zware onderzoeken. Nu duren deze onderzoeken te lang. Hierdoor durven agenten minder goed in te grijpen bij gevaarlijke situaties. Dit brengt de veiligheid van hulpverleners en burgers in gevaar. ››
De regering moet een luchtdrukwapen met beanbags toevoegen aan een proef voor de politie. Dit wapen schiet zakjes met vulling af om agressieve personen veilig uit te schakelen. Nu hebben agenten vaak alleen een wapenstok of een vuurwapen. Deze middelen zijn niet altijd geschikt of veilig om te gebruiken bij geweld. ››
De regering moet een overzicht maken van misdrijven tijdens de jaarwisseling. Hierin moet staan welke straffen zijn geëist en opgelegd, en of de straf extra hoog was vanwege geweld tegen hulpverleners. Agressie tegen mensen met een publieke taak is onacceptabel en moet zwaar worden bestraft. Het is belangrijk om te controleren of het Openbaar Ministerie ook echt hogere straffen eist. ››
[De kamer,
overwegende dat het tijdens openbare-ordeverstoring in diverse gevallen
het niet altijd mogelijk is om verdachten aan te houden en eventueel te
vervolgen;
overwegende dat in het geval het niet mogelijk is om verdachten aan te
houden, maar het wel mogelijk is om hen op digitale beelden vast te
leggen;
overwegende dat deze beelden gepubliceerd kunnen worden met gebruik
van een digitale schandpaal, hetgeen niet alleen een mogelijkheid tot
opsporing geeft, maar ook een afschrikkende werking heeft;
verzoekt de regering een digitale schandpaal te creëren om verdachten op
te kunnen sporen en af te schrikken.] ››
[De kamer,
constaterende dat de politie verantwoordelijk is voor de handhaving van
de openbare orde;
constaterende dat er de afgelopen jaren een groeiende trend is van
geweld gericht tegen politieagenten en hulpverleners en het hen haast
onmogelijk wordt gemaakt hun werk uit te kunnen voeren;
constaterende dat de geweldsmiddelen van de politie in bepaalde
situaties tekortschieten en de veiligheid niet te allen tijde kan worden
gewaarborgd;
van mening dat de politie ondersteuning van het leger dient te hebben,
zodat de politie haar werk kan uitvoeren;
verzoekt de regering in het geval dat de politie niet meer in staat is om
haar werk uit te voeren ten bate van de openbare veiligheid, ter ondersteuning het leger in te zetten zodat de politie wel in staat is haar werk uit
te voeren.] ››
[De kamer,
overwegende dat geweld tegen politie en andere hulpverleners toeneemt,
en op alle mogelijke manieren teruggedrongen dient te worden;
constaterende dat verschillende gemeenten, zoals Urk en Deventer, goede
ervaringen hebben met het opleggen van een bestuursrechtelijke last
onder dwangsom, vaak bovenop strafrechtelijke vervolging;
overwegende dat een dergelijke bestuurlijke boete, bovenop de strafrechtelijke aanpak, herhaling voorkomt, omdat in dat geval een boete van vele
duizenden euro’s betaald moet worden;
verzoekt de regering de goede ervaringen met het opleggen van een last
onder dwangsom bij sommige gemeenten breder uit te werken, zodat
relschoppers en hooligans in alle Nederlandse gemeenten hiermee
geconfronteerd zullen worden.] ››
21 januari, CDA, ChristenUnie, GroenLinks-PvdA, 50PLUS, PvdD, D66, Volt, SGP
[De kamer,
constaterende dat geweld tegen politie, hulpverleners en andere personen
met een publieke taak een structureel probleem is, met in 2024 meer dan
12.000 incidenten;
constaterende dat geweld tegen hulpverleners vaak samenhangt met een
gebrek aan normbesef en inzicht in de gevolgen van eigen gedrag;
overwegende dat een effectieve aanpak van geweld tegen politie en
hulpverleners vraagt om een combinatie van handhaving, normstelling en
preventie, waaronder het vergroten van bewustwording over de
maatschappelijke gevolgen van geweld;
overwegende dat educatieve maatregelen in andere contexten, zoals bij
rijden onder invloed, bijdragen aan gedragsverandering en normbesef, en
dat een vergelijkbare maatregel bij geweld tegen hulpverleners herhaling
kan voorkomen;
verzoekt de regering te onderzoeken of bij geweld tegen politie, hulpverleners en andere personen met een publieke taak een verplichte educatieve maatregel kan worden ingezet, gericht op bewustwording van de
maatschappelijke gevolgen van dit geweld;
verzoekt de regering voor de zomer van 2026 de Kamer te informeren
over de uitkomsten van dit onderzoek.] ››
[De kamer,
constaterende dat geweld tegen hulpverleners en agenten zich vooral
voordoet tijdens voorspelbare risicomomenten;
verzoekt de regering met betrokken partijen te bezien of en hoe het
beschikbare civielrechtelijk, bestuursrechtelijk en strafrechtelijk instrumentarium – waaronder gebiedsverboden, huisarrest en (digitale) meldplicht –
bij deze risicomomenten eenduidiger en gerichter kan worden toegepast,
en wat daarvoor nodig is in beleid, wetgeving en/of uitvoering, en de
Kamer hierover te informeren.] ››
[De kamer,
overwegende dat de Taskforce Onze hulpverleners veilig aantoonbaar
bijdraagt aan de bescherming en ondersteuning van politie, boa’s en
brandweer bij agressie en geweld;
verzoekt de regering om de opgedane ervaringen uit de taskforce, onder
regie van Justitie en Veiligheid en samen met BZK en betrokken partners,
uit te werken tot een rijksprogramma ter bescherming van hulpverleners,
en de Kamer hierover te informeren.] ››
[De kamer,
constaterende dat agressie en geweld tegen politie en hulpverleners
aanhoudt en grote impact heeft op hun veiligheid;
constaterende dat de OM-richtlijn ruimte biedt voor een tot 200% hogere
strafeis bij geweld tegen personen met een publieke taak, maar dat voor
betrokkenen en samenleving onvoldoende inzichtelijk is wanneer deze
mogelijkheid wel of niet wordt toegepast;
verzoekt de regering in overleg te treden met het OM om te bezien hoe
het wel of niet toepassen van de 200% strafeisverhoging bij geweld tegen
personen met een publieke taak transparanter en beter uitlegbaar kan
worden gemaakt, bijvoorbeeld via het principe van «comply or explain»,
en de Kamer hierover te informeren.] ››
[De kamer,
constaterende dat de mensen die een publieke taak uitvoeren onze
samenleving draaiend houden en dat zij te maken krijgen met toenemende agressie in dit werk;
constaterende dat de werkgever te allen tijde verantwoordelijk is voor een
veilige werkomgeving van de werknemer;
overwegende dat er een bijzondere verantwoordelijkheid bestaat voor de
mensen die een publieke taak uitvoeren;
van mening dat de decentrale bestuurder als publieke werkgever voor
volksvertegenwoordigers kan optreden;
verzoekt de regering om te verkennen om wettelijk vast te leggen dat de
publieke werkgever:
– áltijd aangifte doet namens de werknemer;
– een intern meldingssysteem heeft om een incident te melden;
– via een eenduidig digitaal format het leeuwendeel van de aangifte zelf
kan invullen;
– de schade verhaalt, zowel van het slachtoffer als van de organisatie
zelf.] ››
[De kamer,
constaterende dat uit WODC-onderzoek en een reportage van Zembla
blijkt dat de 200% strafeisverhoging bij geweld tegen personen met een
publieke taak nauwelijks wordt gehanteerd;
overwegende dat exacte cijfers over hoe vaak een 200% hogere strafeis
wordt gehanteerd en hoe vaak dit wordt opgelegd niet eenduidig is af te
leiden uit de systemen van het Openbaar Ministerie en de rechtspraak;
van mening dat de 200% strafeisverhoging nodig is om steviger te
normeren en pal achter de politie en hulpverleners te staan;
verzoekt de regering jaarlijks de Kamer te informeren over:
– de totale aantallen aangiften van GTPA-feiten (Geweld tegen Politie
Ambtenaren) en VPT-feiten (Veilige Publieke Taak);
– het aantal keren dat het OM bij deze zaken het uitgangspunt van de
200% strafeisverhoging in hun eigen richtlijn heeft gehanteerd;
– het aantal keren dat de rechter vervolgens besloot tot het opleggen
van deze strafeis;
– het aantal sepots;
– de nakoming van de afspraken over de doorlooptijd in de keten.] ››