3 december, Wijziging van de Wet subsidiëring landelijke onderwijsondersteunende activiteiten 2013 en enige andere onderwijswetten in verband met de landelijke borging van de uitvoering van ondersteuning van scholen en instellingen bij het onderwijs aan zieke leerling
[Motie van de leden Ceder en Westerveld over het opstellen van landelijke richtlijnen voor scholen over PAIS/long covid]
3 december, ChristenUnie, GroenLinks-PvdA
[De kamer, constaterende dat kinderen en jongeren met PAIS/long covid regelmatig vastlopen in het onderwijs, vanwege onder andere onvoldoende kennis en erkenning bij scholen en het ontbreken aan structuur en regie; overwegende dat het ontbreken van duidelijke landelijke richtlijnen leidt tot onnodige overvraging en voortdurende onzekerheid en dat leerlingen en ouders gebaat zijn bij één vast aanspreekpunt dat de regie voert en bijdraagt aan duidelijkheid en rust; overwegende dat tijdige inzet van deskundigheid en de belastbaarheid van het kind als uitgangspunt nemen, bijdraagt aan goed en passend onderwijs voor deze leerlingen; verzoekt de regering om, in samenspraak met ouders, leerlingen, deskundigen en het onderwijsveld, landelijke richtlijnen op te stellen voor scholen over PAIS/long covid, waarin in ieder geval ouder- en leerlingenbetrokkenheid, het betrekken van deskundigheid, mogelijke onderwijsaanpassingen, zoals volwaardig digitaal afstandsonderwijs, en het aanstellen van één vast aanspreekpunt, aan bod komen; verzoekt de regering daarnaast in samenspraak met genoemde betrokkenen mogelijke knelpunten uit huidige wet- en regelgeving tegen het licht te houden, en hierover aan de Kamer te rapporteren.] ›› 
Aangenomen op 16 december: 81 - 69
DENK
SP
D66
CU
PvdD
CDA
Volt
BBB
GL-PVDA
FVD
SGP
50PLUS
JA21
PVV
VVD
Wijziging van de Wet subsidiëring landelijke onderwijsondersteunende activiteiten 2013 en enige andere onderwijswetten in verband met de landelijke borging van de uitvoering van ondersteuning van scholen en instellingen bij het onderwijs aan zieke leerlingen (Wet onderwijsondersteuning zieke leerlingen)
De kamer, constaterende dat kinderen en jongeren met PAIS/long covid regelmatig vastlopen in het onderwijs, vanwege onder andere onvoldoende kennis en erkenning bij scholen en het ontbreken aan structuur en regie; overwegende dat het ontbreken van duidelijke landelijke richtlijnen leidt tot onnodige overvraging en voortdurende onzekerheid en dat leerlingen en ouders gebaat zijn bij één vast aanspreekpunt dat de regie voert en bijdraagt aan duidelijkheid en rust; overwegende dat tijdige inzet van deskundigheid en de belastbaarheid van het kind als uitgangspunt nemen, bijdraagt aan goed en passend onderwijs voor deze leerlingen; verzoekt de regering om, in samenspraak met ouders, leerlingen, deskundigen en het onderwijsveld, landelijke richtlijnen op te stellen voor scholen over PAIS/long covid, waarin in ieder geval ouder- en leerlingenbetrokkenheid, het betrekken van deskundigheid, mogelijke onderwijsaanpassingen, zoals volwaardig digitaal afstandsonderwijs, en het aanstellen van één vast aanspreekpunt, aan bod komen; verzoekt de regering daarnaast in samenspraak met genoemde betrokkenen mogelijke knelpunten uit huidige wet- en regelgeving tegen het licht te houden, en hierover aan de Kamer te rapporteren.
[Motie van de leden Ceder en Beckerman over borgen dat het belang van het kind vooropstaat bij de keuze van de regeling waaronder het kind valt ]
3 december, ChristenUnie, SP
[De kamer, overwegende dat elke zieke leerling recht heeft op goed onderwijs en dat belang voorop moet staan, ongeacht ziektebeeld en of de leerling bijvoorbeeld lichamelijke of psychische klachten heeft; overwegende dat met de centralisatie een aantal wijzigingen ten aanzien van subsidiestromen, centralisering en structuur worden aangebracht; overwegende dat het belang van het kind bij de vorm van onderwijsondersteuning centraal dient te staan; verzoekt het kabinet te borgen dat het belang van het kind voorop komt te staan bij de keuze onder welke regeling een kind valt en de wijze waarop deze keuzes worden gemaakt inzichtelijk te maken bij de eerstvolgende rapportage.] ›› 
Aangenomen op 16 december: 150 - 0
50PLUS
DENK
PVV
SP
SGP
PvdD
CU
GL-PVDA
D66
CDA
BBB
JA21
VVD
Volt
FVD
Wijziging van de Wet subsidiëring landelijke onderwijsondersteunende activiteiten 2013 en enige andere onderwijswetten in verband met de landelijke borging van de uitvoering van ondersteuning van scholen en instellingen bij het onderwijs aan zieke leerlingen (Wet onderwijsondersteuning zieke leerlingen)
De kamer, overwegende dat elke zieke leerling recht heeft op goed onderwijs en dat belang voorop moet staan, ongeacht ziektebeeld en of de leerling bijvoorbeeld lichamelijke of psychische klachten heeft; overwegende dat met de centralisatie een aantal wijzigingen ten aanzien van subsidiestromen, centralisering en structuur worden aangebracht; overwegende dat het belang van het kind bij de vorm van onderwijsondersteuning centraal dient te staan; verzoekt het kabinet te borgen dat het belang van het kind voorop komt te staan bij de keuze onder welke regeling een kind valt en de wijze waarop deze keuzes worden gemaakt inzichtelijk te maken bij de eerstvolgende rapportage.
3 december, Tweeminutendebat Midden- en kleinbedrijf (CD 11/9)
[Motie van het lid Dassen over de verplichting afschaffen om via een entiteit te investeren ]
3 december, Volt
[De kamer, constaterende dat de fiscale regeling Seed Business Angel in het leven is geroepen om expertise en praktijkervaring van investeerders te mobiliseren om het durfkapitaalklimaat in Nederland te verbeteren; constaterende dat de Seed Business Angelregeling verplicht dat de investeerder via een entiteit investeert, bijvoorbeeld een fonds; overwegende dat deze verplichting veel angelinvesteerders ontmoedigt, omdat zij niet de tijd of de investeringsschaal hebben om een renderend fonds op te richten en te onderhouden, waardoor we in Nederland veel durfkapitaal mislopen; verzoekt de regering om deze administratieve verplichting af te schaffen.] ›› 
Verworpen op 9 december: 31 - 119
FVD
GL-PVDA
Volt
CU
PVV
50PLUS
JA21
SGP
CDA
VVD
PvdD
SP
DENK
D66
BBB
Bedrijfslevenbeleid
De kamer, constaterende dat de fiscale regeling Seed Business Angel in het leven is geroepen om expertise en praktijkervaring van investeerders te mobiliseren om het durfkapitaalklimaat in Nederland te verbeteren; constaterende dat de Seed Business Angelregeling verplicht dat de investeerder via een entiteit investeert, bijvoorbeeld een fonds; overwegende dat deze verplichting veel angelinvesteerders ontmoedigt, omdat zij niet de tijd of de investeringsschaal hebben om een renderend fonds op te richten en te onderhouden, waardoor we in Nederland veel durfkapitaal mislopen; verzoekt de regering om deze administratieve verplichting af te schaffen.
[Motie van de leden Van Meetelen en Prickaertz over een landelijke minimale vergunningsduur van tien jaar voor schaarse vergunningen in de ambulante handel ]
3 december, PVV, PVV
[De kamer, constaterende dat het SEO-onderzoek vaststelt dat de terugverdientijd in de ambulante handel gemiddeld acht tot elf jaar bedraagt; constaterende dat door de invoering van de zero-emissiezones de terugverdientijd gemiddeld ook nog eens met anderhalf jaar toeneemt; overwegende dat er nu vergunningen worden afgegeven die aanzienlijk korter lopen, waardoor ondernemers geen financiering kunnen krijgen en/of hun investering niet kunnen terugverdienen; verzoekt de regering een landelijke minimale vergunningsduur van tien jaar vast te leggen voor schaarse vergunningen in de ambulante handel.] ›› 
Verworpen op 9 december: 66 - 84
CDA
DENK
PVV
50PLUS
SGP
CU
BBB
FVD
JA21
PvdD
D66
Volt
GL-PVDA
SP
VVD
Bedrijfslevenbeleid
De kamer, constaterende dat het SEO-onderzoek vaststelt dat de terugverdientijd in de ambulante handel gemiddeld acht tot elf jaar bedraagt; constaterende dat door de invoering van de zero-emissiezones de terugverdientijd gemiddeld ook nog eens met anderhalf jaar toeneemt; overwegende dat er nu vergunningen worden afgegeven die aanzienlijk korter lopen, waardoor ondernemers geen financiering kunnen krijgen en/of hun investering niet kunnen terugverdienen; verzoekt de regering een landelijke minimale vergunningsduur van tien jaar vast te leggen voor schaarse vergunningen in de ambulante handel.
[Motie van het lid Flach over belemmeringen voor niet-bancaire financiers en verbeteringen in het zekerhedenrecht in kaart brengen ]
3 december, SGP
[De kamer, constaterende dat niet-bancaire financiers, zoals crowdfunders en direct lenders, belemmeringen ervaren in het huidige zekerhedenrecht; overwegende dat een gelijk speelveld voor bancaire en niet-bancaire spelers van groot belang is voor toegankelijke mkb-financiering; verzoekt de regering, in samenwerking met de Stichting MKB Financiering en met experts, de concrete belemmeringen voor niet-bancaire financiers in kaart te brengen en per belemmering te verkennen op welke wijze verbeteringen in het zekerhedenrecht kunnen worden gerealiseerd, en de Kamer hierover in het tweede kwartaal van 2026 te rapporteren.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 127 - 23
50PLUS
CU
D66
BBB
Volt
DENK
PVV
CDA
JA21
VVD
SP
SGP
FVD
PvdD
GL-PVDA
Bedrijfslevenbeleid
De kamer, constaterende dat niet-bancaire financiers, zoals crowdfunders en direct lenders, belemmeringen ervaren in het huidige zekerhedenrecht; overwegende dat een gelijk speelveld voor bancaire en niet-bancaire spelers van groot belang is voor toegankelijke mkb-financiering; verzoekt de regering, in samenwerking met de Stichting MKB Financiering en met experts, de concrete belemmeringen voor niet-bancaire financiers in kaart te brengen en per belemmering te verkennen op welke wijze verbeteringen in het zekerhedenrecht kunnen worden gerealiseerd, en de Kamer hierover in het tweede kwartaal van 2026 te rapporteren.
[Motie van de leden Flach en Kisteman over een nationaal ondernemersakkoord ]
3 december, SGP, VVD
[De kamer, constaterende dat ondernemers grote behoefte hebben aan langjarige duidelijkheid en stabiliteit in overheidsbeleid; overwegende dat een nationaal ondernemersakkoord waarin overheid en bedrijfsleven tot langjarige afspraken komen over belangrijke randvoorwaarden voor het Nederlandse ondernemingsklimaat, zoals belastingklimaat, regeldrukvermindering, financiering, innovatie, verduurzaming, netcongestie, arbeidskrapte en infrastructuur, hieraan kan bijdragen; van mening dat een nieuw kabinet werk moet maken van de totstandkoming van een dergelijk nationaal ondernemersakkoord; verzoekt de regering hiervoor de voorbereidende stappen te zetten en hierover gesprekken aan te gaan met het bedrijfsleven, zodat een volgend kabinet een wederkerig en breed ondernemersakkoord kan afsluiten.] ›› 
Verworpen op 9 december: 45 - 105
SGP
VVD
FVD
BBB
JA21
GL-PVDA
PVV
D66
SP
CDA
CU
DENK
Volt
50PLUS
PvdD
Bedrijfslevenbeleid
De kamer, constaterende dat ondernemers grote behoefte hebben aan langjarige duidelijkheid en stabiliteit in overheidsbeleid; overwegende dat een nationaal ondernemersakkoord waarin overheid en bedrijfsleven tot langjarige afspraken komen over belangrijke randvoorwaarden voor het Nederlandse ondernemingsklimaat, zoals belastingklimaat, regeldrukvermindering, financiering, innovatie, verduurzaming, netcongestie, arbeidskrapte en infrastructuur, hieraan kan bijdragen; van mening dat een nieuw kabinet werk moet maken van de totstandkoming van een dergelijk nationaal ondernemersakkoord; verzoekt de regering hiervoor de voorbereidende stappen te zetten en hierover gesprekken aan te gaan met het bedrijfsleven, zodat een volgend kabinet een wederkerig en breed ondernemersakkoord kan afsluiten.
3 december, Tweeminutendebat Verdienvermogen van Nederland (CD 25/9)
[Motie van het lid Vermeer over non-bancaire financiers toegang verlenen tot noodzakelijke kredietdata ]
3 december, BBB
[De kamer, overwegende dat het midden- en kleinbedrijf steeds vaker afhankelijk is van non-bancaire financiers voor relatief kleine kredieten, terwijl toegang tot essentiële kredietdata (zoals BKR- en UBO-informatie) voor veel van deze aanbieders beperkt of niet tijdig beschikbaar is; constaterende dat hierdoor juist kleine ondernemers, die moeilijk terechtkunnen bij banken, onnodig worden belemmerd in hun toegang tot financiering, wat direct raakt aan het verdienvermogen en de economische vitaliteit van Nederland; verzoekt de regering, in dezen de Minister van Financiën en de Minister van Economische Zaken, om in samenwerking met de Autoriteit Persoonsgegevens en relevante financieringsplatformen een voorstel te verkennen waarmee non-bancaire financiers onder passende waarborgen en zonder onnodige regeldruk toegang kunnen krijgen tot de noodzakelijke kredietdata, en de Kamer hierover te informeren.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 124 - 26
DENK
CDA
FVD
D66
50PLUS
Volt
PVV
BBB
JA21
CU
VVD
SGP
PvdD
GL-PVDA
SP
Bedrijfslevenbeleid
De kamer, overwegende dat het midden- en kleinbedrijf steeds vaker afhankelijk is van non-bancaire financiers voor relatief kleine kredieten, terwijl toegang tot essentiële kredietdata (zoals BKR- en UBO-informatie) voor veel van deze aanbieders beperkt of niet tijdig beschikbaar is; constaterende dat hierdoor juist kleine ondernemers, die moeilijk terechtkunnen bij banken, onnodig worden belemmerd in hun toegang tot financiering, wat direct raakt aan het verdienvermogen en de economische vitaliteit van Nederland; verzoekt de regering, in dezen de Minister van Financiën en de Minister van Economische Zaken, om in samenwerking met de Autoriteit Persoonsgegevens en relevante financieringsplatformen een voorstel te verkennen waarmee non-bancaire financiers onder passende waarborgen en zonder onnodige regeldruk toegang kunnen krijgen tot de noodzakelijke kredietdata, en de Kamer hierover te informeren.
[Motie van het lid Vermeer over een fiscale stimuleringsmaatregel voor het mkb ]
3 december, BBB
[De kamer, overwegende dat veel kleine ondernemers met beperkte zekerheden moeite hebben om financiering te krijgen via banken, terwijl vergelijkbare instrumenten in buurlanden aantoonbaar bijdragen aan betere krediettoegang voor het mkb; constaterende dat het Nederlandse financieringslandschap voor kleine kredieten nog onvoldoende aansluit bij de behoefte van ondernemers zonder onderpand, ondanks bestaande initiatieven zoals het Nationaal Convenant MKB-Financiering en de FinancieringsGids; verzoekt de regering een fiscale stimuleringsmaatregel voor het mkb uit te werken die inzicht geeft in de fiscale en financiële randvoorwaarden en de uitvoerbaarheid van de maatregel, en deze uitwerking mee te sturen in de kabinetsreactie op het Dialogiconderzoek en de motie-Dassen/MartensAmerica.] ›› 
Aangenomen op 9 december: 124 - 26
Volt
JA21
BBB
D66
CDA
SGP
CU
50PLUS
PVV
FVD
VVD
DENK
GL-PVDA
PvdD
SP
Bedrijfslevenbeleid
De kamer, overwegende dat veel kleine ondernemers met beperkte zekerheden moeite hebben om financiering te krijgen via banken, terwijl vergelijkbare instrumenten in buurlanden aantoonbaar bijdragen aan betere krediettoegang voor het mkb; constaterende dat het Nederlandse financieringslandschap voor kleine kredieten nog onvoldoende aansluit bij de behoefte van ondernemers zonder onderpand, ondanks bestaande initiatieven zoals het Nationaal Convenant MKB-Financiering en de FinancieringsGids; verzoekt de regering een fiscale stimuleringsmaatregel voor het mkb uit te werken die inzicht geeft in de fiscale en financiële randvoorwaarden en de uitvoerbaarheid van de maatregel, en deze uitwerking mee te sturen in de kabinetsreactie op het Dialogiconderzoek en de motie-Dassen/MartensAmerica.
2 december, Debat over het verbod op stroomstootapparatuur in de veehouderij
[Motie van het lid Van der Plas over bij iedere nieuwe voorgestelde nationale regel voor ondernemers boven op Europese regelgeving, een andere bestaande nationale regel voor ondernemers laten vervallen ]
2 december, BBB
[De kamer, overwegende dat nationale regels op Europese regelgeving zorgen voor een ongelijk speelveld en vaak ook hogere kosten voor Nederlandse ondernemers; overwegende dat nationale koppen kunnen leiden tot juridische onduidelijkheid over de verhouding tussen nationale en Europese regels; overwegende dat nationale regels bovendien tot onduidelijkheid kunnen leiden bij de uitvoering en handhaving; verzoekt de regering bij iedere nieuwe voorgestelde nationale regel voor ondernemers boven op Europese regelgeving, een andere bestaande nationale regel voor ondernemers te laten vervallen, zodat de totale regeldruk voor ondernemers in Nederland niet toeneemt.] ›› 
Verworpen op 9 december: 23 - 127
FVD
JA21
BBB
SGP
SP
DENK
50PLUS
CU
PVV
PvdD
Volt
GL-PVDA
CDA
D66
VVD
Dierenwelzijn
De kamer, overwegende dat nationale regels op Europese regelgeving zorgen voor een ongelijk speelveld en vaak ook hogere kosten voor Nederlandse ondernemers; overwegende dat nationale koppen kunnen leiden tot juridische onduidelijkheid over de verhouding tussen nationale en Europese regels; overwegende dat nationale regels bovendien tot onduidelijkheid kunnen leiden bij de uitvoering en handhaving; verzoekt de regering bij iedere nieuwe voorgestelde nationale regel voor ondernemers boven op Europese regelgeving, een andere bestaande nationale regel voor ondernemers te laten vervallen, zodat de totale regeldruk voor ondernemers in Nederland niet toeneemt.
[Motie van het lid Ouwehand over de handelwijze van de minister van LVVN afkeuren ]
2 december, PvdD
[De kamer, constaterende dat de Kamer al sinds 2021 vraagt om een verbod op drijfmiddelen die pijn of stress veroorzaken zodat deze dierenmishandeling wordt gestopt; constaterende dat de toenmalige Minister van Landbouw in juni 2024 een verbod op stroomstootapparatuur bij het transport van dieren bijna helemaal af had; constaterende dat de huidige Minister van LVVN dit verbod aanvankelijk niet wilde invoeren, en dat een meerderheid van de Kamer in september 2024 heeft afgedwongen dat dat verbod moest worden doorgezet; constaterende dat de Kamer vroeg alles op alles te zetten om te zorgen dat het verbod op 1 juli 2025 van kracht kon worden, maar dat de Minister verschillende onnodige vertragingen heeft veroorzaakt; constaterende dat recent duidelijk werd dat het verbod mogelijk nog verder vertraagd zou worden, waardoor een meerderheid van de Kamer de Minister opnieuw tot actie moest bewegen; keurt de handelwijze van de Minister van LVVN af.] ›› 
Verworpen op 9 december: 56 - 94
Volt
SP
GL-PVDA
PvdD
DENK
D66
CDA
50PLUS
SGP
BBB
PVV
JA21
FVD
CU
VVD
Dierenwelzijn
De kamer, constaterende dat de Kamer al sinds 2021 vraagt om een verbod op drijfmiddelen die pijn of stress veroorzaken zodat deze dierenmishandeling wordt gestopt; constaterende dat de toenmalige Minister van Landbouw in juni 2024 een verbod op stroomstootapparatuur bij het transport van dieren bijna helemaal af had; constaterende dat de huidige Minister van LVVN dit verbod aanvankelijk niet wilde invoeren, en dat een meerderheid van de Kamer in september 2024 heeft afgedwongen dat dat verbod moest worden doorgezet; constaterende dat de Kamer vroeg alles op alles te zetten om te zorgen dat het verbod op 1 juli 2025 van kracht kon worden, maar dat de Minister verschillende onnodige vertragingen heeft veroorzaakt; constaterende dat recent duidelijk werd dat het verbod mogelijk nog verder vertraagd zou worden, waardoor een meerderheid van de Kamer de Minister opnieuw tot actie moest bewegen; keurt de handelwijze van de Minister van LVVN af.
2 december, Tweeminutendebat Transportraad d.d. 4 december 2025 (21501-33-1169)
[Motie van het lid Heutink over pleiten tegen het verbod op nieuwe brandstofauto's ]
2 december, PVV
[De kamer, constaterende dat lidstaten zoals Duitsland en Italië zich openlijk verweren tegen het verbod op nieuwe brandstofauto’s in 2035; overwegende dat dit verbod schade toebrengt aan de economie in Nederland en in Europa; verzoekt de regering om in de Transportraad tegen het verbod op nieuwe brandstofauto’s in 2035 te pleiten.] ›› 
Aangenomen op 3 december: 76 - 74
VVD
DENK
BBB
PVV
FVD
SGP
JA21
50PLUS
Volt
D66
CDA
SP
PvdD
CU
GL-PVDA
Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
De kamer, constaterende dat lidstaten zoals Duitsland en Italië zich openlijk verweren tegen het verbod op nieuwe brandstofauto’s in 2035; overwegende dat dit verbod schade toebrengt aan de economie in Nederland en in Europa; verzoekt de regering om in de Transportraad tegen het verbod op nieuwe brandstofauto’s in 2035 te pleiten.
[Motie van het lid De Hoop c.s. over in Europa inzetten op een verbinding Amsterdam-Groningen-Oldenburg]
2 december, GroenLinks-PvdA, D66, ChristenUnie
[De kamer, constaterende dat de Europese Commissie in het gepresenteerde MFK 2028–2034 fors meer geld heeft uitgetrokken voor internationale (militaire) mobiliteit en dat de Europese Commissie een annex aan het CEF-voorstel heeft toegevoegd waarin de lijn Groningen-Oldenburg wordt genoemd; overwegende dat er geen Europese medefinanciering komt voor de Lelylijn zolang er nationaal geen voldoende financiële middelen worden gereserveerd en hierdoor het risico bestaat dat potentiële Europese middelen uit beeld raken; verzoekt de regering om in Europees verband te blijven inzetten op het verbreden van de verbinding Groningen-Oldenburg naar AmsterdamGroningen-Oldenburg en om bij het Masterplan Lelylijn ook nadrukkelijk de verbinding naar Duitsland te betrekken, en de Kamer voor de begrotingsbehandeling IenW over de vervolgstappen te informeren.] ›› 
Aangenomen op 3 december: 124 - 26
D66
VVD
50PLUS
CU
Volt
SGP
CDA
SP
GL-PVDA
JA21
DENK
PvdD
BBB
FVD
PVV
Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
De kamer, constaterende dat de Europese Commissie in het gepresenteerde MFK 2028–2034 fors meer geld heeft uitgetrokken voor internationale (militaire) mobiliteit en dat de Europese Commissie een annex aan het CEF-voorstel heeft toegevoegd waarin de lijn Groningen-Oldenburg wordt genoemd; overwegende dat er geen Europese medefinanciering komt voor de Lelylijn zolang er nationaal geen voldoende financiële middelen worden gereserveerd en hierdoor het risico bestaat dat potentiële Europese middelen uit beeld raken; verzoekt de regering om in Europees verband te blijven inzetten op het verbreden van de verbinding Groningen-Oldenburg naar AmsterdamGroningen-Oldenburg en om bij het Masterplan Lelylijn ook nadrukkelijk de verbinding naar Duitsland te betrekken, en de Kamer voor de begrotingsbehandeling IenW over de vervolgstappen te informeren.
2 december, Tweeminutendebat Digitale inclusie (CD 24/9)
[Motie van het lid Kathmann over uitspreken dat internet een basisbehoefte is ]
2 december, GroenLinks-PvdA
[De kamer, constaterende dat toegang tot snel en betaalbaar internet een voorwaarde is om mee te doen aan de digitale samenleving; spreekt uit dat internet een basisbehoefte is; verzoekt de regering om in gesprek met maatschappelijke organisaties, ervaringsdeskundigen en telecombedrijven vast te stellen wat er nodig is om internet als een basisbehoefte te behandelen, waar iedereen recht op heeft.] ›› 
Verworpen op 9 december: 70 - 80
SP
50PLUS
DENK
JA21
D66
CU
GL-PVDA
Volt
PvdD
CDA
FVD
SGP
BBB
VVD
PVV
Informatie- en communicatietechnologie (ICT)
De kamer, constaterende dat toegang tot snel en betaalbaar internet een voorwaarde is om mee te doen aan de digitale samenleving; spreekt uit dat internet een basisbehoefte is; verzoekt de regering om in gesprek met maatschappelijke organisaties, ervaringsdeskundigen en telecombedrijven vast te stellen wat er nodig is om internet als een basisbehoefte te behandelen, waar iedereen recht op heeft.
2 december, Tweeminutendebat Telecomraad d.d. 5 december (21501-33-1165)
[Motie van het lid Vermeer over pleiten voor een pas op de plaats bij nieuwe digitale wetten]
2 december, BBB
[De kamer, overwegende dat het Draghirapport oproept tot een andere, meer werkbare aanpak van Europese wetgeving om de concurrentiekracht en arbeidsproductiviteit te versterken; overwegende dat er nu enkele Omnibusvoorstellen zijn gedaan om bestaande regels te verbeteren en te verlichten, maar dat er tegelijk alweer nieuwe digitale wetgeving in voorbereiding is; verzoekt de regering om in Europa te pleiten voor een pas op de plaats bij nieuwe digitale wetten totdat het Omnibusproces en de Digital Fitness Check zijn afgerond.] ›› 
Verworpen op 3 december: 73 - 77
BBB
PVV
FVD
50PLUS
VVD
JA21
SGP
PvdD
CU
SP
GL-PVDA
CDA
DENK
D66
Volt
Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
De kamer, overwegende dat het Draghirapport oproept tot een andere, meer werkbare aanpak van Europese wetgeving om de concurrentiekracht en arbeidsproductiviteit te versterken; overwegende dat er nu enkele Omnibusvoorstellen zijn gedaan om bestaande regels te verbeteren en te verlichten, maar dat er tegelijk alweer nieuwe digitale wetgeving in voorbereiding is; verzoekt de regering om in Europa te pleiten voor een pas op de plaats bij nieuwe digitale wetten totdat het Omnibusproces en de Digital Fitness Check zijn afgerond.
[Motie van het lid Frederik Jansen over pleiten voor een versoepeling van artikel 6 van de AI Act]
2 december, FVD
[De kamer, constaterende dat de verplichtingen die voortvloeien uit de AI Act enorme administratieve lasten meebrengen die disproportioneel zwaar wegen voor kleinere bedrijven; constaterende dat met name deze bedrijven voor innovatie zorgen; constaterende dat deze verplichtingen significant zwaarder wegen voor AI-modellen die aangemerkt worden als «high-risk» onder artikel 6 van de AI Act; constaterende dat de drempel voor deze classificatie buitengewoon laag is; constaterende dat de Digitale Omnibus slechts een klein deel van de administratiedruk verlicht, maar de drempel voor high-riskclassificatie in artikel 6 ongewijzigd laat; overwegende dat bedrijven in de Verenigde Staten niet onderworpen worden aan dergelijke verplichtingen; overwegende dat het van belang is een level playing field te creëren om de concurrentiepositie van Europese bedrijven te bestendigen; verzoekt de Minister om in het kader van de Digitale Omnibus bij de Telecomraad van 5 december te pleiten voor een versoepeling van artikel 6 van de AI Act ten behoeve van het verhogen van de drempel voor high-riskclassificatie.] ›› 
Verworpen op 3 december: 45 - 105
SGP
JA21
FVD
PVV
Volt
CDA
PvdD
CU
BBB
DENK
SP
GL-PVDA
D66
50PLUS
VVD
Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
De kamer, constaterende dat de verplichtingen die voortvloeien uit de AI Act enorme administratieve lasten meebrengen die disproportioneel zwaar wegen voor kleinere bedrijven; constaterende dat met name deze bedrijven voor innovatie zorgen; constaterende dat deze verplichtingen significant zwaarder wegen voor AI-modellen die aangemerkt worden als «high-risk» onder artikel 6 van de AI Act; constaterende dat de drempel voor deze classificatie buitengewoon laag is; constaterende dat de Digitale Omnibus slechts een klein deel van de administratiedruk verlicht, maar de drempel voor high-riskclassificatie in artikel 6 ongewijzigd laat; overwegende dat bedrijven in de Verenigde Staten niet onderworpen worden aan dergelijke verplichtingen; overwegende dat het van belang is een level playing field te creëren om de concurrentiepositie van Europese bedrijven te bestendigen; verzoekt de Minister om in het kader van de Digitale Omnibus bij de Telecomraad van 5 december te pleiten voor een versoepeling van artikel 6 van de AI Act ten behoeve van het verhogen van de drempel voor high-riskclassificatie.
[Motie van het lid Frederik Jansen over pleiten voor het in de GDPR opnemen van een rechtsgrond voor het trainen van AI-modellen met openbaar beschikbare data ]
2 december, FVD
[De kamer, overwegende dat de Digitale Omnibus beoogt digitale regelgeving te versoepelen en vereenvoudigen; constaterende dat de GDPR op dit moment niet toestaat openbaar beschikbare data vrijelijk te gebruiken voor modeltraining, maar dat dit enkel is toegestaan als er sprake is van «legitiem belang»; constaterende dat «legitiem belang» op dit moment niet duidelijk wordt gedefinieerd binnen de GDPR en dat dit voor onzekerheid zorgt in het kader van machine learning training; constaterende dat in de Digitale Omnibus geen voorstel wordt gedaan tot het verduidelijken van de GDPR op dit punt; verzoekt de Minister om in het kader van de Digitale Omnibus bij de Telecomraad van 5 december te pleiten voor het opnemen van een expliciete rechtsgrond binnen de GDPR die het trainen van AI-modellen met openbaar beschikbare data rechtmatig en rechtszeker maakt.] ›› 
Verworpen op 3 december: 46 - 104
JA21
FVD
BBB
PVV
GL-PVDA
Volt
SGP
SP
CU
50PLUS
CDA
D66
VVD
PvdD
DENK
Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
De kamer, overwegende dat de Digitale Omnibus beoogt digitale regelgeving te versoepelen en vereenvoudigen; constaterende dat de GDPR op dit moment niet toestaat openbaar beschikbare data vrijelijk te gebruiken voor modeltraining, maar dat dit enkel is toegestaan als er sprake is van «legitiem belang»; constaterende dat «legitiem belang» op dit moment niet duidelijk wordt gedefinieerd binnen de GDPR en dat dit voor onzekerheid zorgt in het kader van machine learning training; constaterende dat in de Digitale Omnibus geen voorstel wordt gedaan tot het verduidelijken van de GDPR op dit punt; verzoekt de Minister om in het kader van de Digitale Omnibus bij de Telecomraad van 5 december te pleiten voor het opnemen van een expliciete rechtsgrond binnen de GDPR die het trainen van AI-modellen met openbaar beschikbare data rechtmatig en rechtszeker maakt.
[Motie van de leden Kathmann en Dassen over Nederlandse voorwaarden stellen bij de Digitale Omnibus ]
2 december, GroenLinks-PvdA, Volt
[De kamer, constaterende dat de Europese Commissie voornemens is om privacy en AI-wetgeving te versimpelen in een zogenoemde «Digitale Omnibus»; overwegende dat het verzwakken van bescherming van burgers en veiligheidsstandaarden voor AI vooral in het belang van Amerikaanse techgiganten is en niet van de burgers en Europese bedrijven waar Nederland voor op hoort te komen; overwegende dat het legaliseren van de praktijken van Amerikaanse techgiganten om zonder toestemming data van Europese burgers te verzamelen om AI te trainen, zoals al is geprobeerd op WhatsApp, LinkedIn en Instagram, vooral deze bedrijven bevoordeelt; verzoekt de regering om in Europees verband kenbaar te maken dat Nederland met betrekking tot de Digitale Omnibus in ieder geval de volgende voorwaarden stelt, namelijk: – dat is vastgesteld dat grondrechten van burgers op een gelijk niveau beschermd blijven; – dat techbedrijven nooit zonder toestemming Europese burgerdata mogen verzamelen om AI-modellen te trainen.] ›› 
Aangenomen op 3 december: 87 - 63
CU
PvdD
SP
50PLUS
PVV
Volt
GL-PVDA
DENK
D66
CDA
FVD
BBB
SGP
JA21
VVD
Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
De kamer, constaterende dat de Europese Commissie voornemens is om privacy en AI-wetgeving te versimpelen in een zogenoemde «Digitale Omnibus»; overwegende dat het verzwakken van bescherming van burgers en veiligheidsstandaarden voor AI vooral in het belang van Amerikaanse techgiganten is en niet van de burgers en Europese bedrijven waar Nederland voor op hoort te komen; overwegende dat het legaliseren van de praktijken van Amerikaanse techgiganten om zonder toestemming data van Europese burgers te verzamelen om AI te trainen, zoals al is geprobeerd op WhatsApp, LinkedIn en Instagram, vooral deze bedrijven bevoordeelt; verzoekt de regering om in Europees verband kenbaar te maken dat Nederland met betrekking tot de Digitale Omnibus in ieder geval de volgende voorwaarden stelt, namelijk: – dat is vastgesteld dat grondrechten van burgers op een gelijk niveau beschermd blijven; – dat techbedrijven nooit zonder toestemming Europese burgerdata mogen verzamelen om AI-modellen te trainen.
[Motie van de leden Flach en Vermeer over in Europa inzetten op vereenvoudiging van de AVG ]
2 december, SGP, BBB
[De kamer, overwegende dat de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) oorspronkelijk uitging van een risicogebaseerde benadering, maar dat toezichthouders in de praktijk steeds meer richting een zogeheten «zero-riskbenadering» zijn opgeschoven; overwegende dat een aanzienlijk deel van de knelpunten rondom de toepassing van de AVG voor het bedrijfsleven, verenigingen en individuen voortvloeit uit deze verschuiving en dat dit kan worden ondervangen door het expliciet verankeren van verschillende sociaaleconomische belangen in de opdracht van de toezichthouder, zoals reeds in andere regelgevingsprocessen worden meegewogen; verzoekt de regering om zich bij vervolggesprekken in Europees verband over zowel de Omnibuswetgeving als de Digital Fitness Check expliciet in te zetten voor het vereenvoudigen van de AVG en daarbij nadrukkelijk oog te hebben voor de risicogebaseerde benadering in artikel 5 AVG en het meewegen van sociaaleconomische belangen en innovatie door toezichthouders in artikel 51 AVG, en de Kamer over de uitkomsten te informeren.] ›› 
Aangenomen op 3 december: 117 - 33
VVD
JA21
CDA
PVV
50PLUS
FVD
D66
SGP
BBB
Volt
GL-PVDA
CU
DENK
PvdD
SP
Raad voor Vervoer, Telecommunicatie en Energie
De kamer, overwegende dat de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) oorspronkelijk uitging van een risicogebaseerde benadering, maar dat toezichthouders in de praktijk steeds meer richting een zogeheten «zero-riskbenadering» zijn opgeschoven; overwegende dat een aanzienlijk deel van de knelpunten rondom de toepassing van de AVG voor het bedrijfsleven, verenigingen en individuen voortvloeit uit deze verschuiving en dat dit kan worden ondervangen door het expliciet verankeren van verschillende sociaaleconomische belangen in de opdracht van de toezichthouder, zoals reeds in andere regelgevingsprocessen worden meegewogen; verzoekt de regering om zich bij vervolggesprekken in Europees verband over zowel de Omnibuswetgeving als de Digital Fitness Check expliciet in te zetten voor het vereenvoudigen van de AVG en daarbij nadrukkelijk oog te hebben voor de risicogebaseerde benadering in artikel 5 AVG en het meewegen van sociaaleconomische belangen en innovatie door toezichthouders in artikel 51 AVG, en de Kamer over de uitkomsten te informeren.