[Motie van het lid Martin Bosma over een einde maken aan de subsidie voor politieke partijen]
5 februari, PVV
[De kamer, overwegende dat Thorbecke een fel tegenstander was van de ledenpartij; overwegende dat hij vreesde dat volksvertegenwoordigers gereduceerd zouden worden tot partijvertegenwoordigers; constaterende dat hij gelijk heeft gekregen; constaterende dat parlementariërs het staatsrechtelijke principe dienen te eerbiedigen dat zij moeten handelen zonder last of ruggespraak; constaterende dat ledenpartijen een aantasting betekenen van het mandaat van gekozen parlementariërs en dus schadelijk zijn voor de parlementaire democratie; verzoekt de regering een einde te maken aan de subsidie voor politieke partijen.]
De kamer, overwegende dat Thorbecke een fel tegenstander was van de ledenpartij; overwegende dat hij vreesde dat volksvertegenwoordigers gereduceerd zouden worden tot partijvertegenwoordigers; constaterende dat hij gelijk heeft gekregen; constaterende dat parlementariërs het staatsrechtelijke principe dienen te eerbiedigen dat zij moeten handelen zonder last of ruggespraak; constaterende dat ledenpartijen een aantasting betekenen van het mandaat van gekozen parlementariërs en dus schadelijk zijn voor de parlementaire democratie; verzoekt de regering een einde te maken aan de subsidie voor politieke partijen.
Activiteiten
DatumOnderwerp
5 februariBegroting Binnenlandse Zaken (36800-VII) (voortzetting)
10 februariStemmingen
Moties bij activiteit