
[Motie van het lid Rooderkerk c.s. over een stevige landelijke regie en regionale uitvoering en expertise bij de nieuwe structuur voor onderwijs aan zieke leerlingen]
3 december, D66, GroenLinks-PvdA, SP, JA21, ChristenUnie, CDA
[De kamer,
constaterende dat de nieuwe landelijke structuur voor onderwijs aan zieke
leerlingen wordt ingericht terwijl ouders en leerlingen over het huidige
werk van consulenten overwegend tevreden zijn;
constaterende dat veel ozl-consulenten hun werk combineren met een
andere functie, zoals orthopedagoog of onderwijsadviseur;
overwegende dat de wet veel ruimte laat voor de precieze regionale
inrichting en er geen duidelijkheid is over de verdeling van middelen en
personeel tussen regio’s, wat bij consulenten leidt tot onzekerheid over
hun toekomstige werkplek en taken;
overwegende dat een aanzienlijk deel van de huidige consulenten
aangeeft mogelijk niet over te stappen naar de nieuwe stichting, met
risico op verlies van capaciteit en expertise;
verzoekt de regering stevige landelijke regie te waarborgen, via een
stichting met verantwoordelijkheid voor kwaliteit, bekendheid van de
voorziening en continuïteit van de ondersteuning, en de uitvoering
regionaal, dicht bij het kind, te behouden;
verzoekt de regering in kaart te brengen wat regionaal behouden moet
blijven, wat centraal kan worden belegd en hoe de middelen over regio’s
moeten worden verdeeld op basis van actuele gegevens, en de Kamer
voor de zomer over de uitkomsten te informeren;
verzoekt de regering in de transitie naar de nieuwe structuur de flexibiliteit
voor consulenten te behouden, bijvoorbeeld door combinatiebanen
mogelijk te houden en detachering van consulenten toe te staan,
kst-36530-29
ISSN 0921 - 7371
’s-Gravenhage 2025
Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 530, nr. 29
1.]
De kamer,
constaterende dat de nieuwe landelijke structuur voor onderwijs aan zieke
leerlingen wordt ingericht terwijl ouders en leerlingen over het huidige
werk van consulenten overwegend tevreden zijn;
constaterende dat veel ozl-consulenten hun werk combineren met een
andere functie, zoals orthopedagoog of onderwijsadviseur;
overwegende dat de wet veel ruimte laat voor de precieze regionale
inrichting en er geen duidelijkheid is over de verdeling van middelen en
personeel tussen regio’s, wat bij consulenten leidt tot onzekerheid over
hun toekomstige werkplek en taken;
overwegende dat een aanzienlijk deel van de huidige consulenten
aangeeft mogelijk niet over te stappen naar de nieuwe stichting, met
risico op verlies van capaciteit en expertise;
verzoekt de regering stevige landelijke regie te waarborgen, via een
stichting met verantwoordelijkheid voor kwaliteit, bekendheid van de
voorziening en continuïteit van de ondersteuning, en de uitvoering
regionaal, dicht bij het kind, te behouden;
verzoekt de regering in kaart te brengen wat regionaal behouden moet
blijven, wat centraal kan worden belegd en hoe de middelen over regio’s
moeten worden verdeeld op basis van actuele gegevens, en de Kamer
voor de zomer over de uitkomsten te informeren;
verzoekt de regering in de transitie naar de nieuwe structuur de flexibiliteit
voor consulenten te behouden, bijvoorbeeld door combinatiebanen
mogelijk te houden en detachering van consulenten toe te staan,
kst-36530-29
ISSN 0921 - 7371
’s-Gravenhage 2025
Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 530, nr. 29
1.
Activiteiten
| Datum | Onderwerp |
|---|
| 3 december | Wijziging van de Wet subsidiëring landelijke onderwijsondersteunende activiteiten 2013 en enige andere onderwijswetten in verband met de landelijke borging van de uitvoering van ondersteuning van scholen en instellingen bij het onderwijs aan zieke leerlingen (Wet onderwijsondersteuning zieke leerlingen) (36530) |
| 16 december | Stemmingen |
Moties bij activiteit
- Motie van de leden Ceder en Beckerman over borgen dat het belang van het kind vooropstaat bij de keuze van de regeling waaronder het kind valt (CU, SP)
- Motie van de leden Ceder en Westerveld over het opstellen van landelijke richtlijnen voor scholen over PAIS/long covid (CU, GL-PVDA)
- Motie van het lid Westerveld c.s. over onderzoeken of de werkwijze van de nieuwe stichting een oplossing kan zijn voor kinderen en jongeren die langdurig thuiszitten of geen passend onderwijs krijgen (GL-PVDA, D66, SP, CU)
- Motie van het lid Westerveld c.s. over in de statuten van de nieuwe stichting expliciete afspraken maken over jongereninspraak (GL-PVDA, SP, D66, CU)
- Motie van het lid Westerveld c.s. over onderwijsconsulenten met dubbelfuncties de mogelijkheid bieden om over te gaan naar de landelijke stichting (GL-PVDA, SP, CU, D66)
- Motie van het lid Beckerman c.s. over een jaar na inwerkingtreding van de Wet onderwijsondersteuning zieke leerlingen komen met een monitoringsrapportage en een tevredenheidsonderzoek (SP, D66, CDA, CU, GL-PVDA)
- Motie van het lid Beckerman c.s. over de snelheid borgen waarmee zieke leerlingen ondersteuning krijgen (SP, D66, CU, GL-PVDA)
- Motie van het lid Rooderkerk c.s. over een stevige landelijke regie en regionale uitvoering en expertise bij de nieuwe structuur voor onderwijs aan zieke leerlingen (D66, GL-PVDA, SP, JA21, CU, CDA)
- Motie van het lid Boomsma over ervoor zorgen dat in elke regio thuisonderwijs kan worden geboden aan kinderen voor wie dit de beste oplossing is (JA21)