Betere zorg op basis van geloofsovertuiging
2 februari, SGP, ChristenUnie
De regering moet samen met gemeenten onderzoeken wat er nodig is om bij jeugdhulp beter rekening te houden met de godsdienst of levensovertuiging van gezinnen. Nu gebeurt dit in de praktijk nog te weinig, terwijl dit wel een wettelijk recht is. Hierdoor is er onduidelijkheid en onvoldoende rechtszekerheid voor ouders en kinderen.
De kamer, constaterende dat artikel 2.3, lid 4 van de Jeugdwet bepaalt dat gemeenten bij het bepalen van de aangewezen vorm van jeugdhulp redelijkerwijs rekening houden met de godsdienstige gezindheid en de levensovertuiging van de jeugdige en zijn ouders; constaterende dat deze verplichting veelal ook is verankerd in de lokale jeugdverordeningen; overwegende dat gemeenten in de praktijk onvoldoende kunnen bieden ten aanzien van de wijze waarop dit wettelijke recht daadwerkelijk wordt betrokken bij de indicatiestelling voor jeugdhulp; overwegende dat het ontbreken van duidelijke handvatten kan leiden tot ongelijke toepassing en onvoldoende rechtszekerheid voor gezinnen; verzoekt de regering om samen de VNG te bezien wat in de uitvoering nodig is voor gemeenten om bij de toeleiding naar jeugdhulp daadwerkelijk en zorgvuldig rekening te houden met de godsdienstige gezindheid en levensovertuiging van jeugdigen en hun ouders, en de Kamer hierover te informeren.
Activiteiten
DatumOnderwerp
2 februariBegrotingsonderdeel Jeugd
10 februariStemmingen
Moties bij activiteit