De regering moet schimmel en vocht in sociale huurwoningen aanwijzen als een acuut gevaar voor de gezondheid. Verplichte renovatie of tijdelijke verhuizing van bewoners moet direct worden afgedwongen. De huidige plannen duren te lang, terwijl gezinnen en kinderen nu dagelijks ziekmakende lucht inademen. ››
[De kamer,
constaterende dat per 1 juli 2026 de maximale huurverhoging in de
sociale huursector wordt vastgesteld op het gemiddelde inflatiecijfer over
drie jaar vermeerderd met 0,5 procentpunt, wat uitkomt op 4,1%;
overwegende dat het hanteren van het meerjarig inflatiegemiddelde reeds
zorgt voor voorspelbaarheid en stabiliteit;
overwegende dat de extra opslag van 0,5% leidt tot hogere woonlasten
voor sociale huurders en niet noodzakelijk is voor voorspelbaarheid;
verzoekt de regering de maximale huurverhoging in de sociale huursector
per 1 juli 2026 vast te stellen op uitsluitend het gemiddelde inflatiecijfer,
3,6%, en de opslag van 0,5 procentpunt te laten vervallen.] ››
De regering mag de sloop van sociale huurwoningen alleen toestaan als er in dezelfde wijk evenveel betaalbare huizen terugkomen. Jaarlijks verdwijnen er tienduizenden van deze woningen door sloop. Dit zorgt voor het verlies van betaalbare woonruimte. Ook moeten bewoners de garantie krijgen dat zij kunnen terugvorderen naar de nieuwe woningen. ››
De regering moet een registratiesysteem voor woonfraude maken als onderdeel van het nieuwe verhuurregister. Er is nu te weinig zicht op sociale huurwoningen die illegaal worden onderverhuurd. Ook zijn er signalen dat statushouders betrokken zijn bij deze fraude. Het systeem moet laten zien welke verschillende groepen mensen de regels overtreden. ››
De regering moet samen met gemeentes en woningcorporaties een plan maken om woonfraude harder aan te pakken. Er staan genoeg woningen op de planning voor dit plan. Op dit moment worden zeker 100.000 sociale huurwoningen illegaal onderverhuurd. Dat is onacceptabel tijdens de huidige woningnood. ››
Het kabinet moet een programma opzetten dat gemeenten en woningcorporaties helpt bij het bouwen van studentenkamers. Nu is er een groot tekort aan woonruimte. Door kennis te delen over regels en bouwplannen kunnen ook steden buiten de grote Randstad sneller extra kamers bouwen. ››
De regering moet regelen dat de prijs van bouwgrond wordt bepaald door de huidige waarde van de grond, en niet door de toekomstige waarde. Nu wordt grond vaak veel duurder zodra er huizen op mogen komen. Door de prijs van het huidige gebruik aan te houden, dalen de kosten voor de overheid. Hierdoor kunnen nieuwe woningen sneller en goedkoper worden gebouwd. ››
[De kamer,
constaterende dat de regering de inrichting van een grondfaciliteit verkent
en een landelijke integrale grondbank word onderzocht om gemeenten te
ondersteunen bij woningbouw;
constaterende dat wooncoöperaties in de praktijk vaak moeilijk toegang
hebben tot grond;
overwegende dat wooncoöperaties bijdragen aan betaalbaar wonen,
alternatieve woonvormen en uitvoering van de woningbouwopgave;
overwegende dat toegang tot rijksinstrumenten essentieel is om deze
coöperatieve initiatieven een reële positie te geven binnen de
woningbouwopgave;
verzoekt de regering te verkennen hoe de rijksgrondfaciliteit wooncoöperaties kan ondersteunen bij de risicodeling van grondaankopen en
wooncoöperaties te betrekken bij een op te richten grondbank, en de
Kamer hierover voor de zomer te informeren.] ››
[De kamer,
constaterende dat de beschikbaarheid van betaalbare grond een belangrijke randvoorwaarde is voor woningbouw, energietransitie en andere
maatschappelijke opgaven;
constaterende dat er na de aangenomen motie-Gabriels c.s. van oktober
2024 nog geen plannen zijn gepresenteerd;
overwegende dat versnipperd grondeigendom, grondspeculatie en
stijgende grondprijzen deze maatschappelijke opgaven vertragen en
duurder maken;
overwegende dat een publieke grondbank kan bijdragen aan doelmatige
uitgifte van gronden ten behoeve van het algemeen belang;
verzoekt de regering om een nationale grondbank op te richten in
samenwerking met decentrale overheden, die gronden kan verwerven en
uitgeven ten behoeve van maatschappelijke doelen.] ››
[De kamer,
constaterende dat het aandeel verhuurbemiddelaars dat meegaat in een
discriminerend verzoek is gestegen;
verzoekt de regering om met brancheorganisaties tot een vergunningsplicht en centraal register voor makelaars te komen, zodat discriminerende makelaars kunnen worden aangepakt.] ››
[De kamer,
constaterende dat starters nauwelijks een woning kunnen kopen;
overwegende dat de woningprijzen worden opgedreven doordat
makelaars en verkopers tussentijds inzicht hebben in biedingen;
constaterende dat de Minister aangeeft hier geen regie op te willen
nemen;
verzoekt de regering met brancheorganisaties tot een richtlijn te komen
die tussentijds naar biedingen kijken verbiedt om het opdrijven van
prijzen te stoppen.] ››
[De kamer,
constaterende dat de Europese Commissie de staatssteunregels voor de
middenhuur heeft versoepeld;
overwegende dat corporaties hierdoor veel meer middenhuurwoningen
kunnen bouwen, mits de Nederlandse wetgeving daarop snel wordt
aangepast;
verzoekt de Minister voor de zomer met een voorstel naar de Kamer te
komen om geborgde financiering van middenhuurwoningen door
corporaties mogelijk te maken.] ››
[De kamer,
constaterende dat huurders in de sociale huursector vanaf 1 juli 2026 een
huurverhoging tegemoet kunnen zien van maximaal 4,1%;
overwegende dat het van belang blijft om de woonlasten van alle sociale
huurders te verlichten;
overwegende dat corporaties geen winstoogmerk hebben en de vennootschapsbelasting voor corporaties de sector jaarlijks ongeveer 1,5 miljard
euro kost;
verzoekt de regering om de huren voor 2026 te bevriezen en corporaties
tegemoet te komen door de vennootschapsbelasting te schrappen.] ››
[De kamer,
constaterende dat na uitgebreid overleg met betrokken partijen in de NTA
8061 minimale eisen aan het uniform biedproces en biedlogboek zijn
vastgelegd, maar niet alle partijen zich hieraan hebben gecommitteerd;
overwegende dat het noodzakelijk is om met de relevante partijen in
gesprek te blijven om de transparantie in het biedproces te verbeteren;
verzoekt de regering om binnen twee maanden met de Vereniging Eigen
Huis, Vastgoed Nederland, de NVM en andere relevante partners in
gesprek te gaan om de knelpunten te adresseren met als doel alsnog te
komen tot een uniform biedproces dat voor iedere koper inzichtelijk en
controleerbaar is, en de Kamer te informeren over de uitkomsten;
verzoekt de regering tevens als alternatief een eerste inventarisatie te
maken van passende wet- en regelgeving teneinde het biedproces te
uniformeren.] ››
[De kamer,
constaterende dat de provincie Zuid-Holland in november 2025 liet weten
niet akkoord te kunnen gaan met het Plan Park Weidevogel te Koudekerk
in de gemeente Alphen aan den Rijn, omdat het gaat om bouw buiten
bestaand stads- en dorpsgebied;
overwegende dat er lokaal veel draagvlak is voor woningbouw en de
opstelling van de provincie Zuid-Holland niet bijdraagt aan het oplossen
van de woningnood in het dorp Koudekerk;
verzoekt de regering om met de provincie Zuid-Holland in gesprek te gaan
en de provincie te bewegen om woningbouw in Koudekerk doorgang te
laten vinden en hiertoe zo nodig instrumentarium in te zetten.] ››
[De kamer,
constaterende dat de regering verspreid over Nederland tientallen
doorbraaklocaties en regionale grootschalige woningbouwlocaties heeft
aangewezen waar de woningbouw moet worden versneld;
overwegende dat er tot op heden nog niet voor alle aangewezen locaties
concrete plannen tot ondersteuning zijn gepresenteerd;
verzoekt de regering per locatie met concrete voorstellen te komen in een
plan van aanpak om alle aangewezen doorbraaklocaties en regionale
grootschalige woningbouwlocaties van ondersteuning te voorzien.] ››
[De kamer,
constaterende dat het voorkomt dat gemeentelijke woningbouwplannen
worden gehinderd door provinciaal omgevingsbeleid dat haaks staat op
landelijk beleid;
overwegende dat het niet bevorderlijk is voor het oplossen van de
woningcrisis als er fundamentele verschillen zitten tussen provinciaal en
landelijk beleid;
verzoekt de regering er zorg voor te dragen dat provinciaal omgevingsbeleid de woningbouwdoelstellingen niet nadelig beïnvloedt;
verzoekt de regering per provincie te analyseren in hoeverre en welke
provinciale regels de ruimte voor woningbouw beperken ten opzichte van
landelijk beleid, en de Kamer hierover te informeren.] ››
[De kamer,
constaterende dat de regering al geruime tijd het voornemen heeft om de
wettelijke taakstelling voor de huisvesting van statushouders af te
schaffen;
overwegende dat het wenselijk is om de taakstelling gelijktijdig af te
schaffen met de invoering van het wetsvoorstel schrappen voorrang
statushouders;
verzoekt de regering zo snel mogelijk de nodige maatregelen te nemen
om de gemeentelijke taakstelling voor de opvang van statushouders af te
schaffen.] ››
Aangenomen op 21 januari: 71 - 79
FVD
VVD
JA21
SGP
BBB
G-Markus
PVV
50PLUS
SP
Volt
CDA
PvdD
D66
CU
GL-PVDA
DENK
14 januari, Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998 en enige andere wetten in verband met de goede werking van het chartale betalingsverkeer (Wet chartaal betalingsverkeer) (36711)
[De kamer,
constaterende dat in Nederland contante betalingen van € 3.000 of meer
niet toegestaan zijn;
constaterende dat het EU-recht momenteel geen maximum voorschrijft,
maar dat vanaf 2027 een grens zal gelden van maximaal € 10.000 per
contante betaling;
overwegende dat grote betalingen bij storingen of andere technische
mankementen onmogelijk zijn;
overwegende dat er in de samenleving steeds meer onvrede ontstaat over
een betuttelende overheid en dat de onterechte verdachtmaking van
chartaal geld daar in negatieve zin aan bijdraagt;
roept de regering op het maximale bedrag dat is toegestaan bij contante
betalingen te verhogen van € 2.999,99 naar € 10.000, het maximale
bedrag dat vanaf 2027 binnen EU-wetgeving toegestaan zal zijn.] ››
[De kamer,
overwegende dat de huidige bonuswetgeving is ingevoerd naar
aanleiding van excessen tijdens de financiële crisis;
verzoekt de regering geen stappen aanvullend op de nieuwste wetgeving
te ondernemen om de bonuswetgeving nog verder te verruimen.] ››