15 januari, Begroting Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (36800-XXII) voortzetting
Aanpak schimmel in huurwoningen
15 januari, DENK
De regering moet schimmel en vocht in sociale huurwoningen aanwijzen als een acuut gevaar voor de gezondheid. Verplichte renovatie of tijdelijke verhuizing van bewoners moet direct worden afgedwongen. De huidige plannen duren te lang, terwijl gezinnen en kinderen nu dagelijks ziekmakende lucht inademen. ›› 
Verworpen op 20 januari: 61 - 89
PvdD
50PLUS
PVV
GL-PVDA
G-Markus
Volt
SP
CU
DENK
JA21
CDA
VVD
BBB
D66
SGP
FVD
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat de doelstelling was om uiterlijk in 2026 geen corporatiewoningen meer te hebben met een slechte onderhoudskwaliteit, waaronder woningen met vocht- en schimmelproblemen; constaterende dat de Minister stelt dat ook in 2027–2028 nog duizenden woningen gerenoveerd of gesloopt moeten worden en de doelstelling daarmee niet wordt gehaald; overwegende dat in deze woningen gezinnen en kinderen dag in, dag uit schimmel inademen, met ernstige gevolgen voor hun gezondheid; verzoekt de regering om schimmel- en vochtproblematiek aan te merken als acute gezondheidsdreiging en onmiddellijk in te grijpen met verplichte renovatie of tijdelijke herhuisvesting waar nodig.
[Motie van het lid El Abassi over de maximale huurverhoging in de sociale huursector vaststellen op uitsluitend het gemiddelde inflatiecijfer ]
15 januari, DENK
[De kamer, constaterende dat per 1 juli 2026 de maximale huurverhoging in de sociale huursector wordt vastgesteld op het gemiddelde inflatiecijfer over drie jaar vermeerderd met 0,5 procentpunt, wat uitkomt op 4,1%; overwegende dat het hanteren van het meerjarig inflatiegemiddelde reeds zorgt voor voorspelbaarheid en stabiliteit; overwegende dat de extra opslag van 0,5% leidt tot hogere woonlasten voor sociale huurders en niet noodzakelijk is voor voorspelbaarheid; verzoekt de regering de maximale huurverhoging in de sociale huursector per 1 juli 2026 vast te stellen op uitsluitend het gemiddelde inflatiecijfer, 3,6%, en de opslag van 0,5 procentpunt te laten vervallen.] ›› 
Verworpen op 20 januari: 3 - 147
DENK
VVD
50PLUS
CU
D66
JA21
PvdD
GL-PVDA
Volt
CDA
FVD
SGP
PVV
SP
BBB
G-Markus
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat per 1 juli 2026 de maximale huurverhoging in de sociale huursector wordt vastgesteld op het gemiddelde inflatiecijfer over drie jaar vermeerderd met 0,5 procentpunt, wat uitkomt op 4,1%; overwegende dat het hanteren van het meerjarig inflatiegemiddelde reeds zorgt voor voorspelbaarheid en stabiliteit; overwegende dat de extra opslag van 0,5% leidt tot hogere woonlasten voor sociale huurders en niet noodzakelijk is voor voorspelbaarheid; verzoekt de regering de maximale huurverhoging in de sociale huursector per 1 juli 2026 vast te stellen op uitsluitend het gemiddelde inflatiecijfer, 3,6%, en de opslag van 0,5 procentpunt te laten vervallen.
Strengere regels bij sloop sociale huurhuizen
15 januari, DENK
De regering mag de sloop van sociale huurwoningen alleen toestaan als er in dezelfde wijk evenveel betaalbare huizen terugkomen. Jaarlijks verdwijnen er tienduizenden van deze woningen door sloop. Dit zorgt voor het verlies van betaalbare woonruimte. Ook moeten bewoners de garantie krijgen dat zij kunnen terugvorderen naar de nieuwe woningen. ›› 
Verworpen op 20 januari: 32 - 118
PvdD
DENK
GL-PVDA
CU
SP
JA21
50PLUS
CDA
VVD
PVV
Volt
D66
BBB
FVD
SGP
G-Markus
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat jaarlijks tienduizenden sociale huurwoningen worden gesloopt; overwegende dat sloop leidt tot verdringing van bewoners en verlies van betaalbare woningen; verzoekt de regering om sloop van sociale huurwoningen alleen toe te staan indien gelijkwaardige, betaalbare sociale huur in dezelfde wijk wordt teruggebouwd, met terugkeergarantie voor bewoners.
Registratie van fraude met sociale huurwoningen
15 januari, JA21
De regering moet een registratiesysteem voor woonfraude maken als onderdeel van het nieuwe verhuurregister. Er is nu te weinig zicht op sociale huurwoningen die illegaal worden onderverhuurd. Ook zijn er signalen dat statushouders betrokken zijn bij deze fraude. Het systeem moet laten zien welke verschillende groepen mensen de regels overtreden. ›› 
Verworpen op 20 januari: 44 - 106
JA21
50PLUS
FVD
G-Markus
PVV
SP
VVD
CDA
GL-PVDA
PvdD
BBB
DENK
SGP
D66
CU
Volt
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat een duidelijk, feitelijk zicht op het aantal sociale huurwoningen dat illegaal wordt onderverhuurd, ontbreekt; overwegende dat onderzoek van het AD uit 2025 uitwijst dat er signalen zijn dat bij het plegen van woonfraude ook statushouders zijn betrokken; verzoekt het kabinet om bij het ontwikkelen van het verhuurregister ook een registratiesysteem woonfraude in te stellen, waarin een onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende groepen verhuurders.
Aanpak illegale onderhuur van sociale woningen
15 januari, JA21
De regering moet samen met gemeentes en woningcorporaties een plan maken om woonfraude harder aan te pakken. Er staan genoeg woningen op de planning voor dit plan. Op dit moment worden zeker 100.000 sociale huurwoningen illegaal onderverhuurd. Dat is onacceptabel tijdens de huidige woningnood. ›› 
Verworpen op 20 januari: 73 - 77
GL-PVDA
FVD
G-Markus
PVV
50PLUS
SGP
SP
PvdD
JA21
BBB
Volt
CDA
DENK
VVD
CU
D66
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat volgens inschattingen minstens 100.000 sociale huurwoningen illegaal worden onderverhuurd; overwegende dat in tijden van woningnood misbruik onacceptabel is; overwegende dat de aanpak van deze woonfraude door woningbouwcorporaties en gemeentes veel strikter moet dan nu het geval is; verzoekt het kabinet om samen met woningbouwcorporaties en gemeentes een actieplan woonfraude op te stellen en hiervoor voldoende middelen te reserveren.
Extra hulp voor bouw studentenkamers
15 januari, CDA, ChristenUnie, VVD, D66, GroenLinks-PvdA
Het kabinet moet een programma opzetten dat gemeenten en woningcorporaties helpt bij het bouwen van studentenkamers. Nu is er een groot tekort aan woonruimte. Door kennis te delen over regels en bouwplannen kunnen ook steden buiten de grote Randstad sneller extra kamers bouwen. ›› 
Aangenomen op 20 januari: 150 - 0
CDA
SP
PvdD
BBB
D66
SGP
JA21
VVD
G-Markus
Volt
50PLUS
CU
DENK
GL-PVDA
PVV
FVD
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, overwegende dat het tekort aan onzelfstandige woonruimten voor studenten groot is, ook in middelgrote steden; overwegende dat de bouw van studentenkamers in veel gemeenten wordt belemmerd door eisen, grondbeleid en regels rond verkamering en splitsing; overwegende dat gespecialiseerde studentenhuisvesters vaak niet actief zijn buiten de grote studentensteden, terwijl woningcorporaties in middelgrote steden niet altijd beschikken over de specifieke kennis en ervaring die nodig is voor studentenhuisvesting en de regie nu versnipperd is; overwegende dat de samenwerking en kennisuitwisseling tussen gespecialiseerde studentenhuisvesters en corporaties een vliegwieleffect kunnen creëren voor de bouw van studentenkamers op een manier die aansluit bij de lokale omstandigheden; verzoekt het kabinet een ondersteuningsprogramma studentenhuisvesting in te richten, gericht op gemeenten buiten de G4, waarin gespecialiseerde huisvesters en gemeenten structureel kennis en expertise delen met gemeenten en woningbouwcorporaties die minder ervaring hebben met studentenhuisvesting, met als doel de bouw van onzelfstandige woonruimte voor studenten te versnellen; verzoekt het kabinet deze aanpak te verankeren in de actualisering van het Landelijk Actieplan Studentenhuisvesting.
Lagere grondprijs voor snellere woningbouw
15 januari, GroenLinks-PvdA
De regering moet regelen dat de prijs van bouwgrond wordt bepaald door de huidige waarde van de grond, en niet door de toekomstige waarde. Nu wordt grond vaak veel duurder zodra er huizen op mogen komen. Door de prijs van het huidige gebruik aan te houden, dalen de kosten voor de overheid. Hierdoor kunnen nieuwe woningen sneller en goedkoper worden gebouwd. ›› 
Verworpen op 20 januari: 33 - 117
BBB
SP
PvdD
50PLUS
Volt
GL-PVDA
CU
CDA
DENK
G-Markus
FVD
VVD
PVV
SGP
JA21
D66
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat bij gebiedsontwikkeling de inbrengwaarde van grond wordt vastgesteld op basis van de verwachtingswaarde, waarbij bestemmingswijzigingen een prijsopdrijvend effect hebben; overwegende dat deze praktijk leidt tot hogere publieke kosten, verminderde betaalbaarheid van wonen, een onevenwichtige verdeling van waardestijgingen en vertraging van woningbouwprojecten; overwegende dat het hanteren van de gebruikswaarde van grond, gebaseerd op het feitelijk en planologisch toegestane huidige gebruik, beter aansluit bij het uitgangspunt dat door de overheid gecreëerde waardestijgingen ten goede komen aan de samenleving en publieke kosten drukken; verzoekt de regering om het toepassen van de gebruikswaarde zo spoedig mogelijk juridisch te borgen, met het oog op het versnellen van woningbouw en betaalbaar bouwen, en de Kamer voor de zomer te informeren over de daarvoor benodigde wettelijke en beleidsmatige stappen.
[Motie van de leden Zalinyan en Beckerman over verkennen hoe de rijksgrondfaciliteit wooncoöperaties kan ondersteunen bij de risicodeling van grondaankopen]
15 januari, GroenLinks-PvdA, SP
[De kamer, constaterende dat de regering de inrichting van een grondfaciliteit verkent en een landelijke integrale grondbank word onderzocht om gemeenten te ondersteunen bij woningbouw; constaterende dat wooncoöperaties in de praktijk vaak moeilijk toegang hebben tot grond; overwegende dat wooncoöperaties bijdragen aan betaalbaar wonen, alternatieve woonvormen en uitvoering van de woningbouwopgave; overwegende dat toegang tot rijksinstrumenten essentieel is om deze coöperatieve initiatieven een reële positie te geven binnen de woningbouwopgave; verzoekt de regering te verkennen hoe de rijksgrondfaciliteit wooncoöperaties kan ondersteunen bij de risicodeling van grondaankopen en wooncoöperaties te betrekken bij een op te richten grondbank, en de Kamer hierover voor de zomer te informeren.] ›› 
Aangenomen op 20 januari: 94 - 56
SGP
50PLUS
G-Markus
CU
D66
PVV
PvdD
SP
BBB
GL-PVDA
DENK
Volt
JA21
FVD
CDA
VVD
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat de regering de inrichting van een grondfaciliteit verkent en een landelijke integrale grondbank word onderzocht om gemeenten te ondersteunen bij woningbouw; constaterende dat wooncoöperaties in de praktijk vaak moeilijk toegang hebben tot grond; overwegende dat wooncoöperaties bijdragen aan betaalbaar wonen, alternatieve woonvormen en uitvoering van de woningbouwopgave; overwegende dat toegang tot rijksinstrumenten essentieel is om deze coöperatieve initiatieven een reële positie te geven binnen de woningbouwopgave; verzoekt de regering te verkennen hoe de rijksgrondfaciliteit wooncoöperaties kan ondersteunen bij de risicodeling van grondaankopen en wooncoöperaties te betrekken bij een op te richten grondbank, en de Kamer hierover voor de zomer te informeren.
[Motie van het lid Zalinyan over een nationale grondbank oprichten ]
15 januari, GroenLinks-PvdA
[De kamer, constaterende dat de beschikbaarheid van betaalbare grond een belangrijke randvoorwaarde is voor woningbouw, energietransitie en andere maatschappelijke opgaven; constaterende dat er na de aangenomen motie-Gabriels c.s. van oktober 2024 nog geen plannen zijn gepresenteerd; overwegende dat versnipperd grondeigendom, grondspeculatie en stijgende grondprijzen deze maatschappelijke opgaven vertragen en duurder maken; overwegende dat een publieke grondbank kan bijdragen aan doelmatige uitgifte van gronden ten behoeve van het algemeen belang; verzoekt de regering om een nationale grondbank op te richten in samenwerking met decentrale overheden, die gronden kan verwerven en uitgeven ten behoeve van maatschappelijke doelen.] ›› 
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat de beschikbaarheid van betaalbare grond een belangrijke randvoorwaarde is voor woningbouw, energietransitie en andere maatschappelijke opgaven; constaterende dat er na de aangenomen motie-Gabriels c.s. van oktober 2024 nog geen plannen zijn gepresenteerd; overwegende dat versnipperd grondeigendom, grondspeculatie en stijgende grondprijzen deze maatschappelijke opgaven vertragen en duurder maken; overwegende dat een publieke grondbank kan bijdragen aan doelmatige uitgifte van gronden ten behoeve van het algemeen belang; verzoekt de regering om een nationale grondbank op te richten in samenwerking met decentrale overheden, die gronden kan verwerven en uitgeven ten behoeve van maatschappelijke doelen.
[Motie van het lid De Hoop c.s. over een vergunningsplicht en centraal register om discriminerende makelaars aan te pakken ]
15 januari, GroenLinks-PvdA, SP, 50PLUS
[De kamer, constaterende dat het aandeel verhuurbemiddelaars dat meegaat in een discriminerend verzoek is gestegen; verzoekt de regering om met brancheorganisaties tot een vergunningsplicht en centraal register voor makelaars te komen, zodat discriminerende makelaars kunnen worden aangepakt.] ›› 
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat het aandeel verhuurbemiddelaars dat meegaat in een discriminerend verzoek is gestegen; verzoekt de regering om met brancheorganisaties tot een vergunningsplicht en centraal register voor makelaars te komen, zodat discriminerende makelaars kunnen worden aangepakt.
[Motie van de leden De Hoop en Beckerman over een richtlijn die het verbiedt om tussentijds naar biedingen te kijken]
15 januari, GroenLinks-PvdA, SP
[De kamer, constaterende dat starters nauwelijks een woning kunnen kopen; overwegende dat de woningprijzen worden opgedreven doordat makelaars en verkopers tussentijds inzicht hebben in biedingen; constaterende dat de Minister aangeeft hier geen regie op te willen nemen; verzoekt de regering met brancheorganisaties tot een richtlijn te komen die tussentijds naar biedingen kijken verbiedt om het opdrijven van prijzen te stoppen.] ›› 
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat starters nauwelijks een woning kunnen kopen; overwegende dat de woningprijzen worden opgedreven doordat makelaars en verkopers tussentijds inzicht hebben in biedingen; constaterende dat de Minister aangeeft hier geen regie op te willen nemen; verzoekt de regering met brancheorganisaties tot een richtlijn te komen die tussentijds naar biedingen kijken verbiedt om het opdrijven van prijzen te stoppen.
[Motie van het lid De Hoop c.s. over geborgde financiering van middenhuurwoningen door corporaties mogelijk maken ]
15 januari, GroenLinks-PvdA, SGP, 50PLUS, ChristenUnie, SP
[De kamer, constaterende dat de Europese Commissie de staatssteunregels voor de middenhuur heeft versoepeld; overwegende dat corporaties hierdoor veel meer middenhuurwoningen kunnen bouwen, mits de Nederlandse wetgeving daarop snel wordt aangepast; verzoekt de Minister voor de zomer met een voorstel naar de Kamer te komen om geborgde financiering van middenhuurwoningen door corporaties mogelijk te maken.] ›› 
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat de Europese Commissie de staatssteunregels voor de middenhuur heeft versoepeld; overwegende dat corporaties hierdoor veel meer middenhuurwoningen kunnen bouwen, mits de Nederlandse wetgeving daarop snel wordt aangepast; verzoekt de Minister voor de zomer met een voorstel naar de Kamer te komen om geborgde financiering van middenhuurwoningen door corporaties mogelijk te maken.
[Motie van het lid Mooiman over de huren voor 2026 bevriezen en corporaties tegemoetkomen door de vennootschapsbelasting te schrappen ]
15 januari, PVV
[De kamer, constaterende dat huurders in de sociale huursector vanaf 1 juli 2026 een huurverhoging tegemoet kunnen zien van maximaal 4,1%; overwegende dat het van belang blijft om de woonlasten van alle sociale huurders te verlichten; overwegende dat corporaties geen winstoogmerk hebben en de vennootschapsbelasting voor corporaties de sector jaarlijks ongeveer 1,5 miljard euro kost; verzoekt de regering om de huren voor 2026 te bevriezen en corporaties tegemoet te komen door de vennootschapsbelasting te schrappen.] ›› 
Verworpen op 20 januari: 35 - 115
G-Markus
PVV
DENK
PvdD
SP
GL-PVDA
FVD
CU
JA21
VVD
CDA
SGP
Volt
50PLUS
D66
BBB
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat huurders in de sociale huursector vanaf 1 juli 2026 een huurverhoging tegemoet kunnen zien van maximaal 4,1%; overwegende dat het van belang blijft om de woonlasten van alle sociale huurders te verlichten; overwegende dat corporaties geen winstoogmerk hebben en de vennootschapsbelasting voor corporaties de sector jaarlijks ongeveer 1,5 miljard euro kost; verzoekt de regering om de huren voor 2026 te bevriezen en corporaties tegemoet te komen door de vennootschapsbelasting te schrappen.
[Motie van het lid Mooiman over binnen twee maanden met relevante partners in gesprek te gaan om tot een inzichtelijk, uniform en controleerbaar biedproces te komen]
15 januari, PVV
[De kamer, constaterende dat na uitgebreid overleg met betrokken partijen in de NTA 8061 minimale eisen aan het uniform biedproces en biedlogboek zijn vastgelegd, maar niet alle partijen zich hieraan hebben gecommitteerd; overwegende dat het noodzakelijk is om met de relevante partijen in gesprek te blijven om de transparantie in het biedproces te verbeteren; verzoekt de regering om binnen twee maanden met de Vereniging Eigen Huis, Vastgoed Nederland, de NVM en andere relevante partners in gesprek te gaan om de knelpunten te adresseren met als doel alsnog te komen tot een uniform biedproces dat voor iedere koper inzichtelijk en controleerbaar is, en de Kamer te informeren over de uitkomsten; verzoekt de regering tevens als alternatief een eerste inventarisatie te maken van passende wet- en regelgeving teneinde het biedproces te uniformeren.] ›› 
Aangenomen op 20 januari: 150 - 0
VVD
G-Markus
PvdD
FVD
D66
DENK
Volt
CDA
PVV
CU
SGP
50PLUS
JA21
GL-PVDA
BBB
SP
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat na uitgebreid overleg met betrokken partijen in de NTA 8061 minimale eisen aan het uniform biedproces en biedlogboek zijn vastgelegd, maar niet alle partijen zich hieraan hebben gecommitteerd; overwegende dat het noodzakelijk is om met de relevante partijen in gesprek te blijven om de transparantie in het biedproces te verbeteren; verzoekt de regering om binnen twee maanden met de Vereniging Eigen Huis, Vastgoed Nederland, de NVM en andere relevante partners in gesprek te gaan om de knelpunten te adresseren met als doel alsnog te komen tot een uniform biedproces dat voor iedere koper inzichtelijk en controleerbaar is, en de Kamer te informeren over de uitkomsten; verzoekt de regering tevens als alternatief een eerste inventarisatie te maken van passende wet- en regelgeving teneinde het biedproces te uniformeren.
[Motie van het lid Mooiman over de provincie Zuid-Holland bewegen om de woningbouw in Koudekerk doorgang te laten vinden ]
15 januari, PVV
[De kamer, constaterende dat de provincie Zuid-Holland in november 2025 liet weten niet akkoord te kunnen gaan met het Plan Park Weidevogel te Koudekerk in de gemeente Alphen aan den Rijn, omdat het gaat om bouw buiten bestaand stads- en dorpsgebied; overwegende dat er lokaal veel draagvlak is voor woningbouw en de opstelling van de provincie Zuid-Holland niet bijdraagt aan het oplossen van de woningnood in het dorp Koudekerk; verzoekt de regering om met de provincie Zuid-Holland in gesprek te gaan en de provincie te bewegen om woningbouw in Koudekerk doorgang te laten vinden en hiertoe zo nodig instrumentarium in te zetten.] ›› 
Aangenomen op 20 januari: 124 - 26
CDA
50PLUS
PVV
JA21
BBB
DENK
CU
G-Markus
FVD
VVD
D66
SGP
Volt
SP
GL-PVDA
PvdD
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat de provincie Zuid-Holland in november 2025 liet weten niet akkoord te kunnen gaan met het Plan Park Weidevogel te Koudekerk in de gemeente Alphen aan den Rijn, omdat het gaat om bouw buiten bestaand stads- en dorpsgebied; overwegende dat er lokaal veel draagvlak is voor woningbouw en de opstelling van de provincie Zuid-Holland niet bijdraagt aan het oplossen van de woningnood in het dorp Koudekerk; verzoekt de regering om met de provincie Zuid-Holland in gesprek te gaan en de provincie te bewegen om woningbouw in Koudekerk doorgang te laten vinden en hiertoe zo nodig instrumentarium in te zetten.
[Motie van het lid Mooiman over een plan van aanpak om alle doorbraaklocaties en regionale grootschalige woningbouwlocaties van ondersteuning te voorzien]
15 januari, PVV
[De kamer, constaterende dat de regering verspreid over Nederland tientallen doorbraaklocaties en regionale grootschalige woningbouwlocaties heeft aangewezen waar de woningbouw moet worden versneld; overwegende dat er tot op heden nog niet voor alle aangewezen locaties concrete plannen tot ondersteuning zijn gepresenteerd; verzoekt de regering per locatie met concrete voorstellen te komen in een plan van aanpak om alle aangewezen doorbraaklocaties en regionale grootschalige woningbouwlocaties van ondersteuning te voorzien.] ›› 
Aangenomen op 20 januari: 76 - 74
G-Markus
CU
50PLUS
JA21
SP
DENK
SGP
GL-PVDA
FVD
PVV
CDA
BBB
Volt
PvdD
D66
VVD
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat de regering verspreid over Nederland tientallen doorbraaklocaties en regionale grootschalige woningbouwlocaties heeft aangewezen waar de woningbouw moet worden versneld; overwegende dat er tot op heden nog niet voor alle aangewezen locaties concrete plannen tot ondersteuning zijn gepresenteerd; verzoekt de regering per locatie met concrete voorstellen te komen in een plan van aanpak om alle aangewezen doorbraaklocaties en regionale grootschalige woningbouwlocaties van ondersteuning te voorzien.
[Motie van het lid Mooiman over provinciaal omgevingsbeleid de woningbouwdoelstellingen niet nadelig laten beïnvloeden ]
15 januari, PVV
[De kamer, constaterende dat het voorkomt dat gemeentelijke woningbouwplannen worden gehinderd door provinciaal omgevingsbeleid dat haaks staat op landelijk beleid; overwegende dat het niet bevorderlijk is voor het oplossen van de woningcrisis als er fundamentele verschillen zitten tussen provinciaal en landelijk beleid; verzoekt de regering er zorg voor te dragen dat provinciaal omgevingsbeleid de woningbouwdoelstellingen niet nadelig beïnvloedt; verzoekt de regering per provincie te analyseren in hoeverre en welke provinciale regels de ruimte voor woningbouw beperken ten opzichte van landelijk beleid, en de Kamer hierover te informeren.] ›› 
Verworpen op 20 januari: 67 - 83
CU
PVV
JA21
FVD
VVD
G-Markus
SP
GL-PVDA
PvdD
SGP
BBB
DENK
Volt
D66
CDA
50PLUS
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat het voorkomt dat gemeentelijke woningbouwplannen worden gehinderd door provinciaal omgevingsbeleid dat haaks staat op landelijk beleid; overwegende dat het niet bevorderlijk is voor het oplossen van de woningcrisis als er fundamentele verschillen zitten tussen provinciaal en landelijk beleid; verzoekt de regering er zorg voor te dragen dat provinciaal omgevingsbeleid de woningbouwdoelstellingen niet nadelig beïnvloedt; verzoekt de regering per provincie te analyseren in hoeverre en welke provinciale regels de ruimte voor woningbouw beperken ten opzichte van landelijk beleid, en de Kamer hierover te informeren.
[Motie van het lid Mooiman over maatregelen om de gemeentelijke taakstelling voor de opvang van statushouders af te schaffen ]
15 januari, PVV
[De kamer, constaterende dat de regering al geruime tijd het voornemen heeft om de wettelijke taakstelling voor de huisvesting van statushouders af te schaffen; overwegende dat het wenselijk is om de taakstelling gelijktijdig af te schaffen met de invoering van het wetsvoorstel schrappen voorrang statushouders; verzoekt de regering zo snel mogelijk de nodige maatregelen te nemen om de gemeentelijke taakstelling voor de opvang van statushouders af te schaffen.] ›› 
Aangenomen op 21 januari: 71 - 79
FVD
VVD
JA21
SGP
BBB
G-Markus
PVV
50PLUS
SP
Volt
CDA
PvdD
D66
CU
GL-PVDA
DENK
Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) voor het jaar 2026
De kamer, constaterende dat de regering al geruime tijd het voornemen heeft om de wettelijke taakstelling voor de huisvesting van statushouders af te schaffen; overwegende dat het wenselijk is om de taakstelling gelijktijdig af te schaffen met de invoering van het wetsvoorstel schrappen voorrang statushouders; verzoekt de regering zo snel mogelijk de nodige maatregelen te nemen om de gemeentelijke taakstelling voor de opvang van statushouders af te schaffen.
14 januari, Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998 en enige andere wetten in verband met de goede werking van het chartale betalingsverkeer (Wet chartaal betalingsverkeer) (36711)
[Motie van het lid Dekker over het maximale bedrag bij contante betalingen verhogen naar €10.000]
14 januari, FVD
[De kamer, constaterende dat in Nederland contante betalingen van € 3.000 of meer niet toegestaan zijn; constaterende dat het EU-recht momenteel geen maximum voorschrijft, maar dat vanaf 2027 een grens zal gelden van maximaal € 10.000 per contante betaling; overwegende dat grote betalingen bij storingen of andere technische mankementen onmogelijk zijn; overwegende dat er in de samenleving steeds meer onvrede ontstaat over een betuttelende overheid en dat de onterechte verdachtmaking van chartaal geld daar in negatieve zin aan bijdraagt; roept de regering op het maximale bedrag dat is toegestaan bij contante betalingen te verhogen van € 2.999,99 naar € 10.000, het maximale bedrag dat vanaf 2027 binnen EU-wetgeving toegestaan zal zijn.] ›› 
Verworpen op 27 januari: 51 - 99
50PLUS
G-Markus
SGP
PVV
JA21
BBB
FVD
SP
GL-PVDA
CDA
D66
DENK
CU
Volt
PvdD
VVD
Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998 en enige andere wetten in verband met de goede werking van het chartale betalingsverkeer (Wet chartaal betalingsverkeer)
De kamer, constaterende dat in Nederland contante betalingen van € 3.000 of meer niet toegestaan zijn; constaterende dat het EU-recht momenteel geen maximum voorschrijft, maar dat vanaf 2027 een grens zal gelden van maximaal € 10.000 per contante betaling; overwegende dat grote betalingen bij storingen of andere technische mankementen onmogelijk zijn; overwegende dat er in de samenleving steeds meer onvrede ontstaat over een betuttelende overheid en dat de onterechte verdachtmaking van chartaal geld daar in negatieve zin aan bijdraagt; roept de regering op het maximale bedrag dat is toegestaan bij contante betalingen te verhogen van € 2.999,99 naar € 10.000, het maximale bedrag dat vanaf 2027 binnen EU-wetgeving toegestaan zal zijn.
[Motie van de leden Bushoff en Jimmy Dijk over geen stappen ondernemen om de bonuswetgeving verder te verruimen]
14 januari, GroenLinks-PvdA, SP
[De kamer, overwegende dat de huidige bonuswetgeving is ingevoerd naar aanleiding van excessen tijdens de financiële crisis; verzoekt de regering geen stappen aanvullend op de nieuwste wetgeving te ondernemen om de bonuswetgeving nog verder te verruimen.] ›› 
Aangenomen op 27 januari: 76 - 74
Volt
BBB
GL-PVDA
50PLUS
PvdD
CDA
SP
SGP
PVV
CU
D66
FVD
JA21
DENK
VVD
G-Markus
Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Bankwet 1998 en enige andere wetten in verband met de goede werking van het chartale betalingsverkeer (Wet chartaal betalingsverkeer)
De kamer, overwegende dat de huidige bonuswetgeving is ingevoerd naar aanleiding van excessen tijdens de financiële crisis; verzoekt de regering geen stappen aanvullend op de nieuwste wetgeving te ondernemen om de bonuswetgeving nog verder te verruimen.